| Meer wetenswaardigheden over autoglas
De geschiedenis van autoglas Bij de eerste auto’s bestond de voorruit uit een vlak stuk vensterglas dat werd gemonteerd in een raamwerk. In de periode tussen de beide wereldoorlogen werd de carrosserie steeds ronder van vorm en meer gestroomlijnd. Door die ronde vormen van de carrosserie moesten ook de voorruiten worden gebold. De voorruit werd in een rubberen strip gemonteerd en vastgezet met behulp van een wigvormige strip.
Na de tweede wereldoorlog raakten voorruiten van gehard glas in zwang en deze werden in een enkelvoudige rubberen strip geplaatst die in de sponning geschoven werd. Geharde voorruiten hadden echter als nadeel dat ze bij breukschade versplinteren, waardoor het zicht sterk wordt belemmerd. Daarom werden in het begin van de jaren 70 van de vorige eeuw voorruiten van gelaagd glas verplicht gesteld.
De automobielindustrie ging in de loop der jaren over op zelfdragende constructies en tegenwoordig is de voorruit een belangrijk dragend onderdeel van de carrosserie. Om die reden worden voorruiten tegenwoordig in de sponning verlijmd met polyurethaan lijm.
Bij bussen en andere grote voertuigen worden de voorruiten echter nog vaak in rubberen strips gemonteerd. Maar ook hier gaat men steeds meer over op verlijmd glas. Vooral bij bussen worden vaak alle ruiten verlijmd.
De achter- en zijruiten van de meeste voertuigen zijn van gehard glas.
Producteisen voor voertuigglas
Gehard glas Dit is glas gemaakt van floatglas dat in de juiste vorm wordt gesneden waarna de randen worden geslepen. Na verhitting tot 600-700ºC wordt het glas in de gewenste vorm gebogen in een buigapparaat en vervolgens abrupt afgekoeld met lucht. Tijdens het afkoelen ontstaan trekspanningen in het glas, waardoor het 4-5 maal sterker is dan gewoon glas. Bij ruitbreuk komen deze spanningen vrij en daardoor verbrokkelt de ruit in hele kleine stukjes.
Gelaagd glas Dit is glas dat gemaakt wordt door twee platen floatglas in de juiste vorm te snijden voor de binnen- en de buitenkant. Deze glasplaten worden verhit en daarna langzaam afgekoeld en in de gewenste vorm gebogen, waarbij de buitenste laag iets minder wordt gebogen dan de binnenste. Tussen de glasplaten wordt een 0,76 mm dikke PVB plastic folie aangebracht. Na verhitting worden de ruiten en de folie gewalst zodat alle lucht wordt verdreven. Het lamineren vindt plaats in een autoclaaf onder hoge druk en bij een hoge temperatuur. De plastic folie tussen de ruiten houdt de glasplaten bij elkaar, zodat er bij ruitbreuk geen splinters losraken en de ruit zijn vorm behoudt.
Getint en gecoat glas Alle soorten glas kunnen worden getint of met een zonwerende coating worden beplakt. Voor voertuigglas gelden strenge eisen wat betreft de lichtdoorlaat. Bij voorruiten moet dit minimaal 70% zijn. Voor zijruiten voorin geldt ook dat de lichtdoorlaat minstens 70% moet zijn. Voor zijruiten achterin gelden in principe geen minimumeisen voor de lichtdoorlaat. Bij achterruiten geldt dat zwaailichten van hulpverleningsvoertuigen zichtbaar moeten zijn als het voertuig beschikt over een binnenspiegel.
Europese verordening De Europese verordening voor autoglas ’Regulation no. 43’ trad in werking op 31 maart 1987 en werd op 10 januari 1992 goedgekeurd als EU-richtlijn. Deze richtlijn werd van kracht op 1 oktober 1992.
De Europese verordening omvat een breed scala aan testen.
Controle van het breukpatroon Het doel van deze test is om aan te tonen dat deeltjes en splinters van een gebroken voorruit een minimaal risico op letsel met zich mee brengen.
Het testen van de mechanische sterkte Er worden twee tests met stalen kogels gebruikt: een waarbij een stalen kogel van 227g wordt gebruikt en een waarbij een stalen kogel van 2260g wordt gebruikt. De kleine kogel wordt gebruikt om de hechting tussen gelaagde glasplaten te controleren. Deze wordt ook gebruikt om de mechanische sterkte van gehard glas te testen. De kogel van 2260g wordt gebruikt om aan te tonen dat het gelaagde glas sterk genoeg is om de kogel tegen te houden.
De hoofdvorm-test Een 10 kg zwaar voorwerp in de vorm van een hoofd wordt tegen het glas gestoten. Het doel van deze test is om te controleren of de ruit voldoende weerstand biedt.
Slijtagetest Het doel van deze test is om te controleren of de oppervlakte voldoet aan de gestelde eisen.
Warmtetest Het doel van deze test is om aan te tonen dat er geen luchtbellen of andere beschadigingen ontstaan als de gelaagde ruit gedurende langere tijd aan hoge temperaturen wordt blootgesteld.
Stralingstest Het doel van deze test is om aan te tonen dat gelaagd glas niet van kleur verandert of dat de lichtdoorlaat verminderd bij langdurige blootstelling aan straling.
Vochtbestendigheidstest Het doel van deze test is te controleren of de gelaagde ruit bestand is tegen langdurige blootstelling aan luchtvochtigheid.
Test van weerstand tegen temperatuurwisselingen De test moet aantonen dat de plastic bestanddelen van de voorruit tegen temperatuurwisselingen bestand zijn zonder dat dit ten koste gaat van de kwaliteit.
Controle van de optische kwaliteit Lichttransmissie: het doel van deze test is om te controleren of de lichtdoorlaat voldoet aan de gestelde eisen. Optische eigenschappen: het doel van deze test is om te controleren of er geen optische verstoringen zijn die het zicht van de bestuurder kunnen belemmeren. Controle op dubbel beeld: het doel van deze test is om te controleren of er dubbel beeld ontstaat. Kleurweergave: deze test moet controleren of kleuren verkeerd worden weergegeven, wat hinderlijk kan zijn voor de bestuurder.
Brandbestendigheidstest Het doel van deze test is om te controleren of de plastic coating aan de binnenzijde van de ruit voldoende brandbestendig is.
Test van bestendigheid tegen chemicaliën Deze test controleert of de coating aan de binnenzijde van de ruit bestand is tegen de meest gangbare chemicaliën zonder aan kwaliteit in te boeten.
Codering van voertuigglas Voor alle voertuigen moet veiligheidsglas gebruikt worden, hetzij gehard of gelaagd glas, en dit moet voorzien zijn van een Europese of Amerikaanse codering. Dit geldt ook voor tractorruiten en motorgereedschap gebouwd voor snelheden van boven de 30 km/u.
De voorruit van het voertuig moet van gelaagd glas zijn. Voor tractoren of motorgereedschap gebouwd voor snelheden van boven de 30 km/u geldt dat de voorruit van gehard of gelaagd veiligheidsglas moet zijn.
Europese codering Ruiten die zijn goedgekeurd op basis van de ECE R43 verordening, zijn voorzien van een omcirkelde E. De vier-cijferige code duidt het goedkeuringsland aan. De aanduiding 43 R naast de cirkel geeft aan dat de ruit is goedgekeurd op basis van de verordening ECE R43.
002439 geeft het goedkeuringsnummer aan. Het symbool boven de cirkel is de aanduiding van het soort glas.
Ruiten die zijn goedgekeurd op basis van EU-richtlijn 92/22 zijn gecodeerd zoals hierboven is aangegeven. Overigens komen beide manieren van coderen overeen en worden ze allebei erkend.
Codering van ruiten uit de VS Hieronder volgen de aanduidingen op ruiten die voldoen aan de Amerikaanse eisen voor voertuigruiten.
DOT 57 is het goedkeuringsnummer van de producent. M 6 is de aanduiding van de productiecode van de producent. AS1 - AS 16B duidt het soort glas en de toepassing aan.
Glassoorten AS1 - Gelaagd glas met een lichtdoorlaat van >70% voor gebruik op alle plaatsen in het motorvoertuig. AS2 - Gelaagd of gehard glas met een lichtdoorlaat van >70% voor gebruik op alle plaatsen in het motorvoertuig, maar niet als voorruit. AS3 - Gelaagd of gehard glas voor gebruik op alle plaatsen in het motorvoertuig, maar niet als voorruit of op andere plaatsen binnen het gezichtsveld van de bestuurder. AS4 - Hard plastic met een lichtdoorlaat van >70% voor gebruik in motorvoertuigen, maar uitsluitend op bepaalde plaatsen. Bijv. in vouwdeuren of zijruiten buiten het gezichtsveld van de bestuurder, en als scheidingswand in bussen, achterruit van een cabriolet, enz. AS5 - Hard plastic voor gebruik in motorvoertuigen, maar slechts op bepaalde plaatsen buiten het gezichtsveld van de bestuurder. Bijv. in vouwdeuren en zijruiten buiten het gezichtsveld van de bestuurder, en in scheidingswanden in bussen, achterruiten van cabriolets, enz. AS6 - Buigbaar plastic met een lichtdoorlaat van >70% voor gebruik in motorvoertuigen op bepaalde plaatsen. Bijv. als achterruiten van cabriolets, windschermen van motorfietsen en ruiten van campers buiten het gezichtsveld van de bestuurder. AS7 - Buigbaar plastic voor gebruik in vrachtauto’s, busjes, campers, caravans enz. op plaatsen buiten het gezichtsveld van de bestuurder. Bijv. als achterruiten van cabriolets, windschermen
Ruitcategorieën De Europese verordening onderscheidt de volgende categorieën: I Gehard glas II Gelaagd glas III Gelaagd glas met minstens één geharde laag IV Gelaagd glas met minstens één laag plastic glas V Glas met een lichtdoorlaat van < 70% V-VI Geïsoleerde ruit met een lichtdoorlaat van <70% VII Gehard glas I/P Gehard glas met een buitenlaag van plastic II/P Gelaagd glas met een buitenlaag van plastic
Landencodes De codering moet het goedkeuringsland vermelden. Bijv. 1 Duitsland 7 Hongarije 13 Luxemburg 19 Roemenië 2 Frankrijk 8 Tsjecho-Slowakije 14 Zwitserland 20 Polen 3 Italië 9 Spanje 21 Portugal 4 Nederland 16 Noorwegen 5 Zweden 11 Engeland 17 Finland 6 België 12 Oostenrijk 18 Denemarken.
Overige codes AS8 - Veiligheidsglas met een lichtdoorlaat van >70% voor gebruik in bussen, vrachtauto’s, busjes, campers enz. Bijv. in vouwdeuren, achterruit en scheidingswanden in bussen, ruiten achter de bestuurdersstoel in vrachtauto’s en trekvoertuigen, ruiten in de kap van een pick-up, enz. AS10 - Kogelvrij veiligheidsglas. Kan op alle plaatsen in het motorvoertuig gebruikt worden. AS11A - Kogelvrij, gelaagd glas voor motorvoertuigen. Kan op alle plaatsen in het motorvoertuig gebruikt worden, behalve als voorruit. AS11B - Kogelvrije, plastic ruit. Niet te gebruiken voor voorruiten of zijruiten aan de bestuurderskant. Kan niet als achterruit gebruikt worden als deze binnen het gezichtsveld van de bestuurder valt. AS11C - Kogelvrije, doorzichtige en eenvoudig te verwijderen schermen voor motorvoertuigen. AS12 - Hard plastic voor gebruik op bepaalde plaatsen. Bijv. in de kap van een pick-up, als onderste deel van het windscherm van een motorfiets, als scheidingswanden in bussen. AS13 - Buigbaar plastic voor gebruik op bepaalde plaatsen. Bijv. als ruiten in de kap van pick-ups, behalve in de rijrichting, het onderste deel van windschermen van motorfietsen, scheidingswanden in bussen. AS14 - Glas/ plastic voor gebruik overal in het motorvoertuig, behalve als voorruit van een cabriolet en in motorvoertuigen waarvan het dak kan worden verwijderd. AS15A - Door verwarming versterkt glas/plastic voor gebruik op alle plaatsen in het motorvoertuig, behalve als voorruit. AS15B - Gewapend glas/ plastic voor gebruik op alle plaatsen in het motorvoertuig, behalve als voorruit. AS16A - Door warmte versterkt glas/ plastic voor gebruik op alle plaatsen in het motorvoertuig, behalve op plaatsen binnen het gezichtsveld van de bestuurder. AS16B - Gehard glas/ plastic voor gebruik op alle plaatsen in het motorvoertuig, behalve binnen het gezichtsveld van de bestuurder.
”Originele onderdelen” De fabrikanten van autoglas leveren zowel aan de OEM (original equipment market) als aan de vervangingsmarkt. Het glas komt in beide gevallen veelal uit dezelfde oven en is van dezelfde hoge kwaliteit. Er is dus geen verschil tussen de kwaliteit van zogenaamde originele ruiten en die van vervangende ruiten.
Richtlijnen voor de reparatie van autoglas De meest gangbare chemicaliën zijn: Kunstars(Uv Repair Resin): wordt gebruikt als vulmiddel bij reparaties van putjes ontstaan door steenslag. Pit Filler kunsthars: wordt gebruikt als vulmiddel bij de reparatie van putjes ontstaan door steenslag. Pit Filler Polish: wordt gebruikt als polijstmiddel na het vullen en harden van vulmiddel in putjes.
De chemicaliën moeten worden bewaard en behandeld zoals aangegeven op het veiligheidsinformatieblad. Restanten en afval worden afgevoerd zoals aangegeven op het veiligheidsinformatieblad.
Standaard handelwijze: Bij de reparatie van autoruiten moet de beschadiging schoon en droog zijn. Indien nodig wordt het putje uitgeboord tot aan de folie. De beschadiging wordt daarna vacuüm gezogen, zodat zoveel mogelijk lucht wordt verwijderd. Na de vereiste wachttijd wordt de kunsthars in het putje aangebracht, waarna de beschadiging onder druk wordt gezet om de vulstof in het putje en eventuele scheurtjes eromheen te persen. Gewoonlijk wordt een Uv-lamp gebruikt om de vulstof uit te laten harden. Na het harden verwijdert men overtollige vulmassa en wordt de beschadigde plek eventueel gepolijst. Bij de reparatie van autoglas moeten altijd de beschermende maatregelen worden getroffen die zijn vermeld op het veiligheidsinformatieblad.
Richtlijnen voor de vervanging van verlijmde autoruiten Chemicaliën die gebruikt worden bij het verlijmen van autoruiten: Polyurethaan lijm, 1-component: de harding van deze lijmsoort is afhankelijk van de luchttemperatuur en de luchtvochtigheid. Bij lage temperaturen en luchtvochtigheid verloopt de harding trager of stopt zelfs helemaal op. Om de hardingstijd te verkorten worden bepaalde soorten 1-component lijm verwarmd voor ze worden aangebracht. Polyurethaan lijm, 2-componenten: deze lijmsoort bevat een hardingsmiddel dat in de lijm wordt gemengd. Het hardingsproces wordt niet beïnvloed door de luchtvochtigheid, maar de temperatuur is wel van invloed op de hardingstijd. Voor de meeste 2-componenten lijmen is de hardingstijd, bij gelijke omstandigheden, korter dan voor 1-component lijm. Hoogmodulaire lijm (HM): deze lijmsoort is in geharde toestand over het algemeen sterker dan andere lijmsoorten. Dit betekent dat HM lijm grotere krachten op de ruit kan overbrengen dan gewone lijm. Door deze stijvere verlijming versterkt de ruit de constructie van het chassis. Er is nog een reden waarom autofabrikanten tegenwoordig vaak HM-lijm gebruiken: ze kunnen een dunnere streep lijm kunnen gebruiken vergeleken met gewone lijm en daardoor hebben daardoor minder lijm per ruit nodig. Het gevaar bestaat dat men een te brede streep HM-lijn aanbrengt, waardoor er te grote krachten op de ruit worden overgebracht en er gevaar ontstaat voor glasbreuk. Laagconductieve lijm (LC): deze heeft een hogere elektrische weerstand dan gewone lijm. Deze lijmsoort wordt daarom gebruikt voor ruiten die zijn voorzien van ingebouwde elektronische functies zoals antennes e.d. Bij auto’s met een carrosserie van aluminium moet men ook deze lijmsoort gebruiken met het oog op elektrochemische corrosie.
In principe kunnen zowel hoog- of laagconductieve 1-component en 2-componenten lijm tegelijkertijd ook hoog- of laagmodulair zijn.
Bij alle soorten polyurethaan lijm komen isocyanaten vrij tijdens de harding, maar de hoeveelheden zijn zo gering dat ze nauwelijks meetbaar zijn. Na het harden komen er geen isocyanaten meer vrij, tenzij men de lijm verwarmt tot 150ºC, waarbij grote hoeveelheden isocyanaten vrijkomen.
Er worden een aantal minimumeisen gesteld aan polyurethaan lijm die gebruikt kan worden bij het verlijmen van autoruiten. Daarbij behoort een ’wegrijtijd’ bij 18ºC en 40% relatieve luchtvochtigheid te worden aangegeven. Als de autofabrikant een langere ’wegrijtijd’ vermeldt, dient deze te worden aangehouden. Met ’wegrijtijd’ wordt de rusttijd bedoeld na de montage van de ruit.
Primer: glasprimer bindt zich aan het glas en verbetert de hechting tussen de lijm en het glas. Roestprimer wordt gebruikt om het basismateriaal te verzegelen tegen vocht. Primers bevatten oplosmiddelen en hier moet rekening mee gehouden worden.
Activator: wordt gebruikt om de hechting tussen primer en lijm te verbeteren. Een re-activator dient ter verbetereing van de hechting RIM (incapsulatie moulding). Beide producten bevatten oplosmiddelen en hier moet rekening mee gehouden worden.
Schoonmaakmiddel: er moet een schoonmaakmiddel gebruikt worden dat geschikt is voor glas.
Algemeen Chemicaliën moeten bewaard en behandeld worden zoals is aangegeven op het veiligheidsinformatieblad. Restanten en afval moeten worden afgevoerd zoals is aangegeven op het veiligheidsinformatieblad.
Arbeidsomstandigheden en beschermende maatregelen Omdat de voorruit van nieuwe auto’s een dragend onderdeel is van de carrosserie, worden hoge eisen gesteld aan de lijm, de uitvoering en de controle van de arbeidsomstandigheden. Dit houdt in dat er eisen gesteld worden aan de ruimte waar het glaswerk wordt uitgevoerd. Alleen werkplekken waar de gewenste temperatuur bereikt kan worden en die beschutting bieden tegen wind, stof en neerslag kunnen voor glaswerk gebruikt worden.
Het is een goede zaak dat in steeds meer werkplaatsen een afzuigsysteem wordt geinstalleerd. Bij verstandig gebruik kan het effect van oplosmiddelen en andere gevaarlijke stoffen tot een minimum beperkt worden. Bij het werken met autoruiten moeten de persoonlijke beschermingsmiddelen gebruikt worden die zijn vermeld op het veiligheidsinformatieblad. Iedereen die autoruiten vervangt of repareert moet beschikken over de persoonlijke beschermingsmiddelen die staan vermeld in het kwaliteitshandboek.
|
Alle gegevens onder voorbehoud van typefouten Vereniging Autoglas Specialisten Vasned. | |